Geen muis nodig — uw vinger doet het werk. Hier leert u hoe.
Op een laptop zit vlak onder het toetsenbord een klein rechthoekig vlakje. Dat heet het touchpad of mousepad — beide woorden betekenen hetzelfde. U bedient het met uw vinger.
Als u uw vinger over het touchpad beweegt, beweegt het pijltje op uw scherm mee. Dat pijltje heet de cursor (spreek uit: kur-ser). Zo kunt u dingen aanwijzen en aanklikken op uw scherm — zonder losse muis.
Het grote vlak is voor bewegen. De twee knoppen onderaan zijn voor klikken.
Tip: Heeft u thuis een losse muis? Dan hoeft u het touchpad niet te gebruiken. Maar als u onderweg bent met uw laptop, is het touchpad erg handig — u heeft dan niets extra's nodig.
Leg één vinger op het touchpad en schuif hem langzaam in de richting die u op wilt. De cursor op uw scherm volgt uw vinger. Haal uw vinger van het touchpad af als u wilt stoppen.
Tip: Beweegt de cursor te snel of te langzaam? Dat kunt u aanpassen in de instellingen van uw laptop. Vraag iemand om u daarbij te helpen.
Druk één keer op de linkeronderhoek van het touchpad. Dit is hetzelfde als één klik met de linkermuisknop. U selecteert zo iets, of opent een link op een website.
Tip: Op veel touchpads kunt u ook zacht tikken met uw vingertop in plaats van drukken. Dat werkt net zo goed en voelt lichter.
Twee keer snel achter elkaar tikken of klikken op het touchpad. Hiermee opent u een programma of bestand — net als dubbelklikken met een muis.
Tip: Lukt dubbelklikken niet meteen? Probeer iets sneller te tikken. De twee tikken moeten kort na elkaar komen.
Druk één keer op de rechteronderhoek van het touchpad. Er verschijnt dan een klein menu met extra opties, net als de rechtermuisknop. Klik ergens anders om het menu weer te sluiten.
Leg twee vingers naast elkaar op het touchpad en schuif ze samen omhoog of omlaag. Zo beweegt u door een lange pagina. Dit werkt hetzelfde als het scrollwieltje van een muis.
Tip: Zorg dat beide vingers het touchpad raken. Beginners leggen ze soms iets te ver uit elkaar — dan werkt het niet.
Klik op iets, houd uw vinger ingedrukt op het touchpad, en beweeg tegelijk. Zo kunt u bestanden of vensters verplaatsen. Laat los als u klaar bent.
Tip: Slepen is de moeilijkste beweging voor beginners. Oefen het rustig — en als het niet lukt, kunt u een losse muis gebruiken. Dat is makkelijker.
Beide doen hetzelfde. Toch zijn er mensen die één van de twee prettiger vinden. Hieronder een overzicht.
| Touchpad | Losse muis |
|---|---|
| Zit vast aan uw laptop — altijd bij de hand | Moet u apart meenemen |
| Geen tafelruimte nodig | Heeft een plat oppervlak nodig om over te bewegen |
| Vraagt wat oefening, vooral slepen | Voelt voor veel mensen natuurlijker aan |
| Werkt altijd, geen batterij of kabel nodig | Draadloze muis heeft batterijen nodig |
| Handig onderweg | Handig thuis aan een bureau |
Advies: Gebruikt u uw laptop vooral thuis aan tafel? Dan is een losse muis vaak comfortabeler. Bent u veel onderweg? Dan is het touchpad de makkelijkste keuze.
Het touchpad voelt in het begin onwennig — dat is volkomen normaal. Uw vinger moet wennen aan de gevoeligheid, en uw oog moet leren om de cursor op het scherm te volgen in plaats van naar uw hand te kijken.
Begin met de eenvoudigste beweging: gewoon de cursor over het scherm bewegen. Zodra dat goed gaat, oefent u met één keer klikken. Dan scrollen met twee vingers. Stap voor stap.
Tip: Raakt u de cursor kwijt op uw scherm? Beweeg snel heen en weer met uw vinger over het touchpad. De cursor beweegt dan ook snel en is makkelijker te zien. Op Windows kunt u ook even op de Ctrl-toets drukken — dan verschijnt er een rondje om de cursor.